Over Knieprothese

Wat is een knieprothese?

Tijdens het plaatsen van een knieprothese word je eigen kniegewricht vervangen door een kniegewricht van kunststof. In je eigen kniegewricht zit kraakbeen dat ervoor zorgt dat je soepel kunt bewegen. Naarmate je ouder wordt, begint dit kraakbeen te slijten. Deze slijtage kan worden veroorzaakt door artrose, maar ook door reuma of een kraakbeen- of stofwisselingsziekte. Om pijn door de slijtage tegen te gaan kunnen medicijnen worden voorgeschreven, maar vaak helpen deze niet genoeg. In dit geval kan een knieprothese een uitkomst bieden. Jaarlijks krijgen zo’n 18.000 Nederlanders een knieprothese.

Verschillende soorten knieprothesen

Totale of halve knieprothese?

Er bestaan twee soorten knieprothesen, namelijk een totale en een halve knieprothese. Bij een totale knieprothese wordt al het kraakbeen van je dij- en scheenbeen vervangen door een metalen prothese. Soms wordt ook de achterkant van de knieschijf vervangen. Een halve knieprothese wordt vaak ingezet wanneer het kraakbeen aan slechts één kant is afgesleten. Bij deze ingreep wordt een metalen knieprothese aan één kant geplaatst.

Gecementeerde of ongecementeerde knieprothese?

Ook wordt er onderscheid gemaakt tussen een gecementeerde en een ongecementeerde knieprothese. Een gecementeerde knieprothese wordt met botcement vastgemaakt, een kunststof die snel hard wordt zodat de knieprothese gelijk goed vast zit. Bij een ongecementeerde knieprothese daarentegen, wordt een prothese met een ruw oppervlak in het bot gedrukt. Dit stimuleert je lichaam om meer bot aan te maken, zodat de prothese vastgroeit in het bot.

Over het algemeen wordt het bovenste gedeelte van zowel een totale als een halve knieprothese bevestigd zonder cement. Bij het onderste gedeelte van beide prothesesoorten wordt meestal wél cement gebruikt.

Het plaatsen van een knieprothese

Een knieprothese wordt geplaatst tijdens een operatie. Deze operatie duurt ongeveer anderhalf tot twee uur en vindt plaats onder narcose of een ruggenprik, eventueel met een roesje. Tijdens deze operatie maakt de chirurg een verticale snee aan de voorkant van je knie. Daarna haalt hij het versleten kraakbeen weg en maakt hij het bot klaar voor de knieprothese. De knieprothese wordt geplaatst door de orthopeed, waarna de wond wordt gesloten. Na de operatie word je naar de uitslaapkamer gebracht, tot de anesthesioloog de verpleegster toestemming geeft om je terug te brengen naar de afdeling.

Na de knieprotheseoperatie

Na de knieprotheseoperatie krijg je nog een dag antibiotica toegediend om het risico op een infectie te verkleinen. Er worden afspraken gemaakt over de pijnmedicatie die je de komende dagen mag nemen. Meestal moet je na de operatie nog één tot vier dagen in het ziekenhuis blijven. In die tijd leer je onder andere hoe je met een loophulpmiddel zoals krukken, een rollator of een wandelstok kunt lopen zonder je knie verkeerd te belasten. Daarna mag je naar huis.

Revalidatie na het plaatsen van een knieprothese

Het herstel van de knieprotheseoperatie duurt ongeveer zes weken. In die zes weken mag je been met de knieprothese steeds meer belasten. Ook moet je tot vijf weken na de operatie bloedverdunners bij jezelf inspuiten, tenzij de arts andere afspraken met je maakt. Tijdens de revalidatie breng je regelmatig een bezoek aan je fysiotherapeut. Hier leer je welke oefeningen je kunt doen om je spieren rond je knie te versterken en je beweeglijkheid te vergroten. Met een knieprothese mag je in principe gewoon autorijden, maar niet tijdens de zes weken na je operatie.

Vakgebieden


Laatst gewijzigd: 17-5-2017